Bron: de Volkskrant, Willem Vissers 16 oktober 2022, 15:40

‘Discriminatie heeft me geraakt en het heeft me gemaakt.’ Aldus Atilla Aytekin, eigenaar van Fortuna Sittard. Hij heeft grote plannen. En hij heeft haast. Fortuna moet gaan behoren tot een consortium van vijf ploegen uit vijf landen. Op naar de middenmoot.

Atilla Aytekin (52) is een verteller zonder terughoudendheid. In het kantoor bij Schiphol, voor het shirt met handtekeningen van Fortunezen, zegt de topman van het bedrijf Azerion, die met partner Umut Akpinar de nieuwe eigenaar is van Fortuna Sittard (65 procent aandelen), over de ambities met Limburgse club: ‘Vanaf het begin hebben we gezegd dat we ook vrouwenvoetbal willen. Mannen, vrouwen, jeugd.’

De mannenploeg is na een slechte start gestegen naar de middenmoot. Zaterdag bleef het thuis tegen RKC 0-0. Alleen: Fortuna speelt met vrijwel alleen buitenlandse voetballers. De herkenbaarheid verdwijnt. Het cynisme bij buitenstaanders is groot, al was het stadion zaterdag bijna uitverkocht.

Aytekin: ‘De borrelpraat bij voetbalanalisten sijpelt door naar de maatschappij. Dan praten ze over ‘die Turken’. Dat geeft impact. Het liefst zien wij jongeren uit de regio, waarbij de regio groter is dan Sittard. In het moderne voetbal gaat het niet meer om etniciteit, maar om competenties. Goed genoeg zijn voor onze ambitie: binnen drie jaar structureel met de middenmoot meedoen.’

De bedoeling is dat het budget van 11, 12 miljoen naar tussen 20 en 25 miljoen gaat. ‘Bij de vrouwen hebben we andere ambities. We willen binnen drie jaar Champions League spelen.’ Bij de vrouwen, debuterend in de eredivisie en dit weekeinde winnaar bij PSV, is snelle groei mogelijk, vanwege de vrij lage budgetten. ‘Er is al een miljoen geïnvesteerd.’

Aytekin is een fascinerende man, opgejaagd en gemotiveerd door een verleden met discriminatie op een school in Zutphen. ‘Wij zijn Turkse Nederlanders. Vanaf mijn 3de woon ik in Nederland. Maar ik ben uit de klas gehaald, omdat Nederlandse ouders geen Turk bij hun kinderen wilden hebben. Dat heeft me geraakt en het heeft me gemaakt.’

Hij zat op een ‘Turkenschool’. ‘Mijn vader, fabrieksarbeider, mocht niet eens naar een taalcursus.’ Eén Turkse leraar in Zutphen gaf extra les aan de kinderen. ‘Alle ouders van 150 Turkse families brachten kinderen naar die ene school met de Turkse leraar. Alle Nederlandse ouders haalden hun kinderen juist weg. Ineens was het een ‘Turkenschool’. Als wij een voetbaltoernooi speelden, was dat niet tegen een andere school, maar tegen de hele stad. Iedereen was tegen ons.’

Bewijsdrang

Hij was de enige leerling van zijn school die naar het vwo mocht. ‘Niemand wilde naast me zitten. 12 jaar en je wordt gezien als een paria. Kwam de directeur: ‘Atilla, opstaan, je gaat naar een andere klas’. Een paar Nederlandse ouders wilden geen Turken in de klas. En ik was niet dom. Een 9 voor wiskunde, een 10 voor natuurkunde. Sommige leerlingen en leraren steunden me.

‘Maar ik had ook een leraar Nederlands die riep: ‘Atilla, een 4, wat goed jongen’. Dan word je klein. Ik werd teruggezet naar de mavo, maar toen besloot ik voor mezelf: ik zal naar de universiteit gaan. Van 24 kinderen in de klas op de lagere school zijn er 12 extreem succesvol geworden: ondernemer, advocaat, dokter. Tien zijn crimineel geworden. De een pakt het op, de ander niet. Maar ik voel geen woede naar de maatschappij. Ik dacht alleen: ik zal ze een poepje laten ruiken, uit bewijsdrang.’

Hij studeerde in Tilburg. ‘Op de hele universiteit zaten tien Turken. Ik heb een dikke huid gekregen en gezegd: we gaan succesvol worden en als we dat zijn, gaan we teruggeven aan de maatschappij. Want ik geloof in de goedheid van de mens. Discriminatie komt ook door onwetendheid. Overal zijn klootzakken, in elk land.

‘Wat ik heb gemist, zijn voorbeelden en rolmodellen. Mijn ondernemerschap komt ook voort uit maatschappelijke gekrenktheid. Het was de ultieme droom om zelf het heft in handen nemen, niet meer afhankelijk zijn. Het enige rolmodel onder sporters was Orhan Delibas, de bokser, die zilver won in 1992 op de Spelen. Ik ben zelfs zes maanden op boksen geweest. Zo trots waren wij op Delibas. Zo’n voorbeeld werkt beter dan duizend integratieprojecten.

‘Wij wilden laten zien, als migrantenzonen, dat we zijn begonnen met een achterstand. Maar wij komen met een bepaalde snelheid en die snelheid houden we vast. Snelheid is onze tweede natuur. Ik werk 20 uur per dag omdat ik het leuk vind, én door motivatie. Ik heb zo’n drive gekregen en ik ben positief.

‘Tegen mijn twee zoons, geboren in Amsterdam, zeg ik: wees trots op waar je vandaan komt, op de maatschappij waarin je woont. Ik ben trots op mijn Turkse roots, met dat heeft niets met loyaliteit te maken. Je hoeft niet te kiezen. Waarom? Al die culturen snappen en schakelen, dat is een verrijking.’

Innoveren

Met Azerion, een digitaal entertainment- en mediaplatform, gingen hij en z’n zakenpartner Akpinar naar de beurs. De waarde bedraagt 1,3 miljard euro, de omzet dit jaar rond de 450 miljoen, met 1.500 werknemers in 24 landen. Het bedrijf is gespecialiseerd in ‘online banners’. Ze vullen banners met reclame, in apps, en leveren de technologie. Ze maken ook games, met een bereik van een half miljard spelers per maand. Puzzels, spelletjes. Ze doen niet aan gokken.

Ze begonnen bij Ajax, als sponsor van de afdeling e-sports. ‘Bij een presentatie ging het om 80 miljoen fans wereldwijd. Ze verdienden daarmee rond de 800 duizend euro. Per dag, wilde ik weten, of per week. Nee, het was per jaar. Dat was de trigger om een concept te bedenken. Wij boden aan die 80 miljoen te gelde te maken. Wat bleek? Ajax was te groot voor dit soort revolutionaire concepten. Iedere keer als wij iets wilden, kwamen ze met: nee, we hebben al een contract met die of die. Maar wij denken dat we 20 procent van de omzet van clubs uit online kunnen halen.’

Dankzij Isitan Gün, de voorzitter van Fortuna die voorzitter blijft na de overname van aandelen, kwamen ze terecht in Sittard. ‘Fortuna heeft een jong bestuur dat innovaties omarmt. In het eerste jaar hebben we alles ontwikkeld, ook een fan engagement app. Normaal ga je eens per twee weken naar die app om je kaartje te downloaden. Maar als je ergens vaker terugkomt, ben je pas waardevol voor adverteerders. The Washington Post heeft onze games en puzzels in de app geplaatst.’

Daarbij telt ook de maatschappelijke component. ‘Wij zijn vechters. Wij springen als ondernemers graag in een diep gat, maar niet in een zwart gat.’ Fortuna laten groeien, is het plan, mede door de oprichting van een consortium. ‘80 procent van de clubs in kleinere landen staan onder water. De oplossing: omzet verhogen of kosten verlagen. De kosten zijn te hoog voor één club, van technische leiding, scouting, analyse. De inkomsten kunnen niet omhoog.

Tegen de grote jongens

‘De enige oplossing is van een lokale club een regionale of nationale setting maken. Maar je kunt van Fortuna geen nationale club maken. Wat we wel kunnen doen: de kosten verdelen over meerdere clubs. Kennis delen, kosten delen. Een soort Europese exposure voor Fortuna, middels zo’n consortium.

‘De kracht is met zijn allen de waarden oppoetsen, zonder op korte termijn iets te verwachten. We zijn maatschappelijk geëngageerd, maar geen filantropische instelling. Ik stop geen miljoenen in Fortuna omdat ik iedereen zo aardig vind. Daarom hebben we een vijfjarenplan, met vijf clubs die elkaar kunnen versterken.’ Met andere clubs zijn onderhandelingen gaande. Volgend jaar zal meer duidelijk zijn.

Het eerste succes was het aantrekken van topspits Burak Yilmaz, die het einde van zijn loopbaan ziet naderen. ‘Wij hebben zijn salaris voor twee jaar uitgesmeerd over vijf jaar, met een perspectief na die twee jaar; een andere functie, ergens in dat consortium. Alleen het concept al sprak hem aan. Dat consortium is een veilige omgeving voor de aparte clubs en behoort financieel onafhankelijk te worden, met behoud van dna van de aparte clubs. Fortuna hoort binnen drie jaar onafhankelijk te zijn van mijn geld, met die extra schil van inkomsten. De clubs kunnen elkaar helpen.’

Hij is in korte tijd gaan houden van Fortuna. ‘Het is een kleine club, een familieclub. Fortuna is een vechter. Vechten tegen de grote jongens. Dat past bij ons. Onze motivatie om te vechten, ook voor rechtvaardigheid, is oneindig. Omdat wij zoveel onrechtvaardigheid hebben meegemaakt.’